vrijdag 24 juni 2011

Tourkoorts: over wielrennen en onderwijs

De Tour begint bijna, met het hoogste aantal Nederlandse renners sinds 2000. De start wordt helaas voor het zoveelste jaar op rij overschaduwd door dopingaffaires van Alberto Contador en Lance Armstrong. Door het bijna pathologische gedraai van Armstrong over deze kwestie (hij heeft nooit rechtstreeks ontkend, maar beperkt zich tot het mantra 'ik ben nooit betrapt'), viel me in dat we hier iets uit kunnen leren voor het onderwijs.
Armstrongs zaak stinkt aan alle kanten en bijna niemand gelooft meer dat hij onschuldig is, behalve zijn advocaat, maar die doet dat slechts zolang Armstrong zijn rekeningen betaalt. Het immorele aan de kwestie is niet zozeer dat hij doping gebruikt zou hebben, maar dat hij er zo omheen blijft draaien en anderen, die hem wagen te beschuldigen, tot de grond toe afbrandt. De impliciete boodschap die hij hiermee afgeeft is: het maakt niet uit wat je feitelijke gedrag is, als je er maar mee wegkomt.

Wat ik me bedacht is dit: doen we soms niet hetzelfde in het onderwijs? Zeggen we ook niet vaak impliciet: het maakt niet uit wat je feitelijk geleerd hebt, als je er maar mee wegkomt? Een voldoende hebt gehaald, je briefje binnenhebt, je diploma krijgt. Daarna zien we wel weer verder, toch?
Maar eigenlijk willen we dat anders. We willen dat leerlingen een 'intense leerervaring' ondergaan, zoals dat recent zo mooi verwoord is in het identiteitsdocument van Stad en Esch. Een oud-collega van Armstrong, Tyler Hamilton, bekende na bijna 20 jaar liegen dat hij doping had gebruikt en was enorm opgelucht: hij kon eindelijk weer zin geven aan zijn leven. Zo sterk werkt dus ons geweten.

Zullen wij leerlingen en studenten ook weer zin geven aan hun leven? Ze niet laten leren voor de toets, het cijfer, of de slagingspercentages. Welke boodschap stralen we uit als blijkt dat leerlingen in een paar lessen zich de stof voor het eindexamen eigen kunnen maken? Hebben ze dan dat hele jaar voor niets in die lessen gezeten? Hadden ze dan niet heel zinvolle dingen kunnen doen? En als ze dan toch zinvolle dingen gedaan hebben, waarom zeggen we dan niet: vergeet dat stomme eindexamen, je hebt laten zien dat je een belangrijke, intense leerervaring hebt doorgemaakt? Zullen we onderwijs zo inrichten dat leerlingen zichzelf ontwikkelen, goede burgers worden, vriendschappen aangaan, hun talenten ontdekken en weten hoe ze anderen moeten helpen? Kan het Cito daar niet eens een landelijke toets voor ontwikkelen? Misschien met wat hulp van de nieuwe leerstoel Toezicht & Socialisatie die de inspectie heeft gesteund?

Hetzelfde geldt voor leraren. Zullen we gewoon eens zeggen: het gaat er niet om of je je aan je uren en de methode hebt gehouden, maar of je werkelijk het verschil gemaakt hebt voor die paar leerlingen? Een paar jaar geleden was er een campagne in het onderwijs: Je groeit in het onderwijs. Het waren heel eenvoudige, maar (vond ik) zeer aansprekende posters, die in het hart zaten van de motivatie van leraren voor hun beroep: iets teweeg brengen bij leerlingen.
De huidige campagne 'Het kan in het onderwijs' gaat de andere kant op: de boodschap is carrière maken, als je maar wil. De letterlijke tekst van de website is:
Zo kunnen zij doorstromen naar een hogere beloningsschaal met bijpassend salarisstrookje. De invoering van de nieuwe functiemix maakt het mogelijk. Nú is de tijd om de kansen te grijpen.
Het is een tekst waarvan ik me afvraag hoeveel leraren er warm voor lopen. Begrijp me goed, ik gun alle leraren een fatsoenlijk salaris, en de echt goede leraren mogen wat mij betreft dat in een hogere beloning merken. Maar ik denk dat we moeten oppassen  niet een grens te overschrijden, waarmee het niet de vraag is wat je werk voor leerlingen heeft opgeleverd, maar 'of je ermee wegkomt' en je carrière veilig is gesteld. Werk van betekenis is uiteindelijk de grootste voldoening die je kunt krijgen. Dat is een les die we kunnen leren van een andere voormalige dopingzondaar, Thomas Dekker.

dinsdag 14 juni 2011

Flexibele onderwijstijden: binnenkort ook in VO?

Op het weblog dat ik bijhoud voor mijn column in Meso Magazine, plaatste ik een bijdrage over het experiment met flexibele onderwijstijden dat minister Van Bijsterveldt aangaat in het PO. Mijn verwachting is dat het niet lang zal duren voor dit ook in het VO zal gebeuren. Ik ben benieuwd naar reacties en meningen van mensen ‘uit het veld’. Het hele verhaal leest u op mijn andere weblog.
Alvast dank voor een reactie!